huur van woonruimte

De bijzondere regels met betrekking tot de huur van woonruimte zijn vastgelegd in Afdeling 5 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek. Het betreft hier een vijftigtal wetsartikelen. Deze artikelen zijn specifiek van toepassing op de huur van woonruimte. Deze artikelen zijn uitdrukkelijk niet van toepassing op de huur, welke een gebruik van woonruimte betreft dat naar haar aard van korte duur is.

Om volledige aanspraak te kunnen maken op uw rechten en plichten uit hoofde van de huurovereenkomst van woonruimte is het van belang dat deze voldoet aan alle wettelijke vereisten. Voor vragen met betrekking tot de huur van woonruimte kunt u contact opnemen met de huurrecht advocaten van RechtNet op nummer 073 615 43 11 of stel uw vraag via het webformulier aan de rechterzijde van deze pagina.

Wat is huur van woonruimte?

Onder woonruimte vallen in beginsel alle gebouwde onroerende zaken, voor zover deze als zelfstandige, dan wel niet-zelfstandige woning zijn verhuurd. Hierbij moet dan met name gedacht worden aan huizen. Ook woonwagens en standplaatsen vallen onder het begrip ‘woonruimte’. In het huidige recht bestaat echter nog altijd twijfel met betrekking tot stacaravans, chalets, portacabins en (ligplaatsen) van woonboten.

Onderhuur

In beginsel is de huurder van een woonruimte niet bevoegd om de gehuurde woonruimte in zijn geheel of gedeeltelijk aan een ander in gebruik te geven (onderhuur). Op het moment dat de huurder zijn hoofdverblijf in een zelfstandige woonruimte heeft, mag hij wel een gedeelte van deze woonruimte aan een ander in gebruik geven. Onder bepaalde voorwaarden en in overleg met de verhuurder is het mogelijk om van bovengenoemde afspraken af te wijken. Handelen in strijd met het verbod op onderverhuur kan in sommige gevallen leiden tot ontbinding van de huurovereenkomst van woonruimte.

Huurprijs

De huurder en de verhuurder zijn vrij om een huurprijs overeen te komen. De huurder kan de redelijkheid van deze huurprijs binnen zes maanden na het aangaan van de huurovereenkomst laten toetsen door de Huurcommissie. De huurprijs kan worden verhoogd indien hiervoor een uitdrukkelijk bepaling voor is opgenomen in de huurovereenkomst (vb. indexering) Daarnaast kan de verhuurder een voorstel tot huurprijsverhoging doen bij de huurder.

Beëindiging van de overeenkomst tot huur van woonruimte

Bij het einde van een huur van woonruimte moet een belangrijk onderscheid gemaakt worden tussen een huurovereenkomst voor onbepaalde tijd en een huurovereenkomst voor bepaalde tijd. De huurovereenkomst voor bepaalde tijd kan door zowel de huurder als de verhuurder worden opgezegd tegen een voor de betaling van de huurprijs overeengekomen dag, niet vallend voor het verstrijken van de bepaalde tijd. De huurovereenkomst voor bepaalde tijd is dus niet tussentijds opzegbaar.

De huurovereenkomst voor onbepaalde tijd kan door elk van de partijen worden opgezegd tegen een voor de betaling van de huurprijs overeengekomen dag. Bij de opzegging dient de huurder een opzegtermijn van minimaal één maand in acht te nemen. De verhuurder dient een opzegtermijn van minimaal drie maanden te hanteren. Daarnaast dient de verhuurder bij de opzegging de gronden vermelden die tot de opzegging hebben geleid, bij gebreke waarvan de opzegging nietig is.

Neem voor vragen over huur vrijblijvend contact op met onze ervaren huurspecialisten via het online webformulier of bel ons op nummer 073 615 43 11.