Beoordeling door klanten: 8,6/10 - 164 beoordelingen

Maatregel kostenverhaal draagkrachtige veroordeelden in werking

Maatregel kostenverhaal draagkrachtige veroordeelden

Maatregel kostenverhaal draagkrachtige veroordeelden

De Raad voor de Rechtsbijstand heeft per 1 maart 2017 de Maatregel kostenverhaal draagkrachtige veroordeelden ingevoerd. Deze maatregel heeft betrekking op verdachten van strafbare feiten. Zij die in afwachting van hun proces in voorlopige hechtenis zitten en daarom op last van de rechter een advocaat krijgen toegewezen. Soms worden zij schuldig bevonden en onherroepelijk veroordeeld. In dat geval moeten zij hun advocaatkosten zelf betalen.

Rechtsbijstand

Verdachten van strafbare feiten die zijn aangehouden door de politie of een andere opsporingsinstantie hebben recht op bijstand van een advocaat tijdens hun verhoor. Dit geldt ook voor verdachten die zijn uitgenodigd om verhoord te worden. De rechtsbijstand van deze advocaat valt onder de gesubsidieerde rechtsbijstand. De advocaat wordt in zo’n geval door de Raad voor Rechtsbijstand betaald.
Voornoemde Maatregel kostenverhaal draagkrachtige veroordeelden geldt tevens als de verdachte in hoger beroep alsnog wordt veroordeeld. Of als de verdachte in een strafproces wordt vrijgesproken van de belangrijkste feiten en er slechts een veroordeling voor een klein feit overblijft.

Inkomens- en vermogensteams

Na afloop van het proces ontvangt de Raad voor Rechtsbijstand een bericht of er sprake is van een onherroepelijke veroordeling. Vervolgens voert de Raad een inkomens- en vermogenstoets uit. Hiervoor worden ook de financiële gegevens van de veroordeelde opgevraagd bij de Belastingdienst.
Het peiljaar voor de toetsing is twee jaar vóór het moment waarop de Raad voor de Rechtsbijstand de last tot toevoeging heeft geregistreerd. Als zijn of haar financiële draagkracht hoger is dan de inkomens- en vermogensgrens als bedoeld in de Wet op de Rechtsbijstand, moet de veroordeelde de kosten van rechtsbijstand bij een onherroepelijke veroordeling zelf betalen.
De Raad voor Rechtsbijstand verhaalt de kosten voor rechtsbijstand niet in de volgende gevallen op de verdachte als:
– de strafzaak is geseponeerd;
– hij/zij volledig is vrijgesproken;
– er een ontslag van alle rechtsvervolging is uitgesproken(OVAR);
– of er een schuldig verklaring is uitgesproken zonder oplegging van straf of maatregel.

Kwetsbare verdachten

Voor kwetsbare verdachten, die zijn uitgenodigd om te worden verhoord, wordt niet standaard een advocaat ingeschakeld. Zij mogen zelf kiezen of zij gebruik willen maken van hun recht op bijstand van een advocaat. De kosten zijn dan wel voor eigen rekening. Ook indien er sprake is van een strafbaar feit waarvoor geen voorlopige hechtenis is toegelaten, zijn de kosten van verhoorbijstand voor rekening van de verdachte.

Vrijblijvend advies over de Maatregel kostenverhaal draagkrachtige veroordeelden?

Meer weten over dit onderwerp? Neem dan contact op met RechtNet Advocaten.
Eén van onze ervaren advocaten kan u helpen met met uw vraagstukken. Neem voor een vrijblijvend advies direct contact op met 073 – 615 43 11 dan wel mail naar info@rechtnet.nl.

Ontruiming van krakers: strafrechtelijk én civielrechtelijk

ontruiming krakers

Krakers vormen een bron van ergernis voor de pandeigenaren. Zeker als zij van plan zijn om het pand te gaan verkopen. Volgens artikel 138a van het Wetboek van Strafrecht en artikel 551a Wetboek van Strafvordering kan het OM direct de ontruiming van zo’n pand aanzeggen. Na de aanzegging mag deze ook uitgevoerd worden.  In de praktijk komt het echter maar zelden voor dat het OM hiervoor kiest. Het OM verwijst hierbij naar het huisrecht van de krakers. Via een civiel kort geding of een bodemprocedure kan alsnog ontruiming worden gevorderd!

Huisrecht

Maar is het terecht dat het OM een strafrechtelijke ontruiming van krakers vanwege het huisrecht weigert? Onlangs werd een dergelijke kwestie in een kort geding voorgelegd aan de rechtbank Oost-Brabant. Daarin vorderde een aantal pandeigenaren ontruiming van hun panden. Deze panden waren zonder toestemming in gebruik genomen door krakers. Zij weigerden vrijwillig te vertrekken en deden een beroep op hun huisrecht.

Onrechtmatige daad

De pandeigenaren wilden de panden verkopen. Inmiddels hadden zich zelfs al enkele potentiële kopers gemeld bij de makelaar. Bezichtigingen van de panden waren echter niet mogelijk, omdat deze er niet representatief uitzagen, onder meer door het gebruik van de krakers. De eigenaren stelden dat de krakers inbreuk maakten op hun eigendomsrecht en daarmee een onrechtmatige daad pleegden. Op grond van het bepaalde in artikel 5:2 Burgerlijk Wetboek vorderden zij daarom het recht op de beschikkingsmacht over hun panden terug.

Spoedeisend belang

De rechter oordeelde dat de pandeigenaren voldoende spoedeisend belang hadden bij de vordering. Hij voegde er bovendien aan toe dat het huisrecht het opeisen van de panden door de pandeigenaren niet in de weg stond. Het huisrecht is geen woonrecht, aldus de rechter. Het biedt krakers slechts de mogelijkheid om in geval van een dreigende strafrechtelijke ontruiming deze eerst door een rechter te laten toetsen.

Ontruiming via een civiele bodemprocedure of kort geding

Deze uitspraak toont dus aan dat het huisrecht enkel een recht is om een aangezegde ontruiming door een rechter te laten toetsen. Dat zou dus geen reden mogen zijn voor het OM om een strafrechtelijke ontruiming niet uit te laten voeren. Desondanks komt dit vaak voor. Heeft u te maken met een kraker, waarbij eveneens geen strafrechtelijke ontruiming heeft plaatsgevonden? Laat het ons weten! RechtNet Advocaten kan door middel van een kort geding of een civiele bodemprocedure alsnog de ontruiming van het pand vorderen.

RechtNet Advocaten

Heeft u vragen naar aanleiding van dit bericht? Neem dan vrijblijvend contact op met één van de ervaren huurrecht advocaten van RechtNet Advocaten! U kunt ons bereiken op telefoonnummer 073 – 615 43 11 of via de e-mail: info@rechtnet.nl

mr. M.L.A. (Martijn) van Hurne

Alcoholonderzoek: de twintigminutenregel

twintigminutenregel

Hoe werkt de twintigminutenregel?

Hoe hoog is de boete? Hoelang ben ik het rijbewijs kwijt? Alles hangt uiteindelijk van het vastgestelde alcoholpercentage af. De ademanalyse staat zodoende centraal. Niet vreemd is het dat dit onderzoek aan allerlei eisen moet voldoen. Indien de ademanalyse niet aan deze voorwaarden voldoet, dan moet er vrijspraak volgen. Hier komt de twintigminutenregel kijken.

De belangrijkste eisen zijn als volgt: de opsporingsambtenaar die het ademanalyseapparaat bedient moet hiervoor gekwalificeerd zijn, er moeten tenminste twee metingen worden verricht worden, de uitslag wordt medegedeeld, de verdachte kan om een tegenonderzoek vragen en tot slot de twintigminutenregel.

In dit artikel zal ik kort ingaan op die twintigminutenregel.

Blazen

De ademanalyse vindt meestal plaats, nadat op straat de bestuurder heeft meegewerkt aan het voorlopig onderzoek. Dit wordt vaak bedoeld met het ‘blazen’. Tussen het blazen op straat en de ademanalyse op het bureau moet minimaal twintig minuten zitten. Omdat er minimaal twintig minuten tussen moeten zitten, wordt de regel ook wel de 21-minutenregel genoemd.

Schending twintigminutenregel?

Wat gebeurt er nu als er minder dan 21 minuten verstreken zijn? Dan dient er vrijspraak te volgen. De Hoge Raad heeft herhaaldelijk bevestigd dat alle regels omtrent de alcoholonderzoeken strikt nageleefd dienen te worden. Als dit niet gebeurt, dan is het proces-verbaal niet geldig. Dat betekent dat de bestuurder niet veroordeeld kan worden. Als de twintigminutenregel wordt geschonden, dan mag de bestuurder het rijbewijs houden. Er volgt geen boete en geen verplichte cursus van het CBR.

Vrijblijvend advies?

De strafrechtadvocaten van RechtNet Advocaten hebben veel ervaring op het gebied van invorderingen van rijbewijzen. Zij kunnen voor u checken of aan alle wettelijke vereisten is voldaan. Het inschakelen van een professionele advocaat kan veel voordelen hebben: sneller het rijbewijs terug, geen of mindere boetes, geen verplichte alcoholcursussen. Meer weten over dit onderwerp? Neem dan contact op met RechtNet Advocaten. contact op met 073 – 615 43 11 dan wel mail naar info@rechtnet.nl.

Jaarrekening niet deponeren en dan?

Jaarrekening niet deponeren

Beroep op psychische overmacht mogelijk bij jaarrekening niet deponeren?

Het gerechtshof Amsterdam heeft op 19 oktober 2016 een opmerkelijke zaak behandeld. Het betreft de jaarrekening niet deponeren dan wel niet tijdig deponeren. In dit artikel wordt kort op dit onderwerp ingegaan. Voor veel ondernemers is het bekend dat de B.V. en de N.V. verplicht zijn om hun jaarrekeningen openbaar te maken. Voor de B.V. geldt dat de jaarrekening uiterlijk binnen dertien maanden na het boekjaar gedeponeerd moet worden. Dit geschied bij de Kamer van Koophandel.  Deze deponeringsplicht komt in mijn praktijk meestal ten sprake in het kader van eventuele bestuurdersaansprakelijkheid.

Vermoeden onbehoorlijk bestuur

Artikel 2:248 lid 2 BW bepaalt namelijk dat door het niet tijdig deponeren van de jaarrekening, het vermoeden kan ontstaan dat er sprake is van ‘onbehoorlijk bestuur’. Dit speelt in faillissementssituaties. Wanneer de bestuurder de jaarrekening niet (tijdig) heeft gedeponeerd, dan wordt vermoed dat het faillissement te wijten is aan de bestuurder. Dit kan grote gevolgen hebben voor bestuurders. De kans bestaat namelijk dat zij in privé voor de faillissementsschulden moeten opdraaien.

Jaarrekening niet deponeren is tevens een economisch delict

Wat minder bekend is, althans onderbelicht blijft, is het feit dat het niet deponeren van de jaarrekeningen ook een economisch delict is. Op grond van artikel 1, sub 4 van de Wet op de economische delicten, is het niet tijdig deponeren van de jaarrekening een overtreding. Een ovetreding die bestraft wordt met een boete, taakstraf of hechtenis.

Houdt beroep op psychische overmacht stand?

In het genoemde arrest van 19 oktober jl. ging het ook om een onderneming die verzaakt had de jaarrekeningen (tijdig) te deponeren. De bestuurder verweerde zich echter met een beroep op ‘psychische overmacht’. Concreet zou hij de jaarrekeningen niet gedeponeerd hebben. Hij vond het risico te groot dat criminelen misbruik zouden maken van de gedeponeerde gegevens.

Uitspraak gerechtshof

Alhoewel creatief, ging het gerechtshof (zoals verwacht) niet mee in dit verweer. De bestuurder had namelijk eerder tegen een verbalisant verklaard ‘geen tijd te hebben gehad voor het deponeren’. Verder ging het gerechtshof nog kort in op de aangevoerde ‘angst voor misbruik’. Het gerechtshof legt uit dat het gebruikmaken van een B.V. nu eenmaal de plicht meebrengt om inzage te geven in de financiële positie. Deze plicht geldt ook voor de bestuurder in kwestie. De angst voor misbruik wordt niet als een valide argument beschouwd om af te mogen wijken van die plicht. Dit leverde de onderneming uiteindelijk een boete op van € 900,00. Hiervan was € 300,00 voorwaardelijk.

Vrijblijvend advies?

RechtNet Advocaten kan u adviseren over de gevaren (of mogelijkheden) van bestuurdersaansprakelijkheid. Daarnaast kan een van onze strafrechtadvocaten u bijstaan in het geval uzelf geconfronteerd wordt met de Wet op de economische delicten in verband met de jaarrekening niet deponeren. Neem voor een vrijblijvend advies direct contact op met 073 – 615 43 11 dan wel mail naar info@rechtnet.nl.

Of maak gebruik van ons online webformulier en stel uw vraag!

Opleggen alcoholslot en straf definitief verboden!

Opleggen alcoholslot en straf definitief verboden

Opleggen alcoholslot en straf definitief verboden?

De Hoge Raad heeft op 3 maart 2015 in haar uitspraak ECLI: HR 2015, 434 (zaaknummer 14/04940) het arrest van Het Gerechtshof in Den Haag op 22/9/2014 bekrachtigd en het beroep tot cassatie verworpen. Het ging in deze zaak over het rijden onder invloed waarbij het OM niet ontvankelijk werd verklaard. De reden daartoe was dat het Centraal Bureau voor de Rijvaardigheid (=CBR) al een alcoholslot had opgelegd. Dit werd in strijd geacht met het ne bis in idem beginsel wat voorschrijft dat er niet tweemaal voor hetzelfde feit mag worden gestraft. Zie artikel 68 Wetboek van Strafrecht. Het CBR ziet het opleggen van een alcoholslotprogramma als een bestuursrechtelijke maatregel en niet als een crimal charge in de zin van artikel 6 lid 1 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden. Dit blijkt dus onjuist te zijn. Door de uitspraak is het opleggen van een alcoholslot en straf definitief verboden.

Herziening mogelijk na opgelegd alcoholslotprogramma

De Hoge Raad merkt in haar arrest ten overvloede op dat haar oordeel niet kan worden aangemerkt als een voor herziening van een veroordeling door de strafrechter vereist (nieuw) “gegeven” als bedoeld in artikel 457 lid 1 onder c Wetboek van Strafvordering. U kunt dus helaas niet uw opgelegde straf voor de strafrechter aanvechten.

Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

De Raad van State oordeelde bijna tegelijkertijd met de Hoge Raad over een klacht tegen het CBR van een automonteur. Hij kon door het alcoholprogramma zijn beroep als automonteur niet meer uitoefenen. Dit werd als een te grote straf ondervonden. De Raad van State heeft geoordeeld dat het opleggen van een alcoholslotprogramma in de praktijk leidt tot ongelijkheid en willekeur, omdat het programma voor iedereen anders uitpakt. Het CBR mag zodoende geen alcoholslotprogramma’s meer opleggen! Opleggen alcoholslot en straf definitief verboden zo.
Het is nu aan de politiek om te bepalen hoe het verder zal gaan!

Alcoholslot definitief van de baan!

Minister Ard van de Steur heeft op 18/2/2016 een brief geschreven aan de Tweede Kamer dat het alcoholslotprogramma niet meer zal worden opgelegd. De rechter zal naar verwachting nu eerder én langer een ontzegging van de rijbevoegdheid opleggen.

Vrijblijvend contact?

Heeft u vragen naar aanleiding van dit bericht “Opleggen alcoholslot en straf definitief verboden” of de invordering van uw rijbewijs, neem dan vrijblijvend contact op met één van de ervaren strafrecht advocaten van RechtNet Advocaten. U kunt bellen op nummer 073 615 43 11 of uw vraag mailen naar info@rechtnet.nl.

mr. C.A.M.H. Vink.

RechtNet Advocaten verdedigt Drunense Fotograaf in LCMS zaak

Op 5 februari verdedigt RechtNet Advocaten, in de hoedanigheid van mr. C.A.M.H. Vink, de 21-jarige persfotograaf voor de Politierechter die 3 dagen lang toegang had tot het Landelijke Crisis Management Systeem (LCMS) van de politie. Hij vond het wachtwoord gewoon in Google en kon inloggen met het eenvoudige wachtwoord [Welkom123]. Hierna het de reportage die Omroep Brabant maakt over deze opzienbaarlijke zaak.

LCMS netwerk maar amateuristisch beveiligd

Het LCMS deelt tijdens rampen en incidenten online informatie over personen en gebeurtenissen die zeer vertrouwelijk van aard zijn. De persfotograaf verkreeg via Google de gebruikersnaam en het wachtwoord [Welkom123]. Het wachtwoord Welkom123 staat bekend als 1 van de meest gekozen wachtwoorden en voldoet derhalve op geen enkele wijze aan de eisen die aan een goede beveiliging gesteld mag worden. Daarnaast bleef de ongeautoriseerde toegang dagenlang onopgemerkt door de systeembeheerder en kon de van huis uit nieuwsgierige fotograaf ongestoord rondsnuffelen. Al met al is het opmerkelijk dat zo’n belangrijk en vertrouwelijk politienetwerk zo amateuristisch is beveiligd.

Fotograaf door arrestatieteam opgepakt

Eerst nadat de politie via een tip op de hoogte kwam van het lek, besloot het tot een inval bij de verdachte. Een speciaal arrestatieteam met kogelwerende vesten aan, arresteerde de fotograaf. Daarnaast werden zijn computer en telefoons in beslag genomen en gewist. Vijf jaar werk aan gemaakte foto’s zijn in een klap verdwenen met aanzienlijke schade als gevolg. Maar nu hangt de fotograaf ook nog een strafblad en boete c.q. taakstraf boven het hoofd.

Aangifte gedaan door “amateuristische beveiliger” zelf

Han Dataport Sales, het bedrijf dat verantwoordelijk was voor de beveiliging, deed aangifte tegen de fotograaf. Dat is bijzonder want het bedrijf had natuurlijk veel boter op het hoofd door het LCMS zo slecht te beveiligen. Dat het bedrijf nog niet heeft geleerd van de fouten blijkt wel uit het simpele feit dat de uitgebreide handleiding nog steeds open en bloot te verkrijgen is op het internet, zie deze link. Het bedrijf onthoudt zich van elk commentaar op de zaak.

Vrijspraak voor de hand liggend

Alhoewel de persfotograaf wellicht fouten heeft gemaakt bij het melden van de lek, mag toch van de politie en haar databeveiliger worden verwacht dat ze toegang beter beschermen. Door het wachtwoord Welkom123 open en bloot te delen op internet zette het LCMS als het ware de deur wagenwijd open voor nieuwsgierige gasten. RechtNet Advocaten is dan ook van mening dat vervolging onterecht is en vrijspraak voor de hand liggend is.

Zitting 5 februari 2015

Over een week vindt de zitting plaats. Voor de verdachte is het te hopen dat de voor de hand liggende gedachtegang en dus vrijspraak door de politierechter wordt overgenomen. RechtNet Advocaten houdt u op de hoogte van deze bijzondere zaak.

Alcoholslot van de baan?

Alcoholslot van de baan?

Alcoholslot van de baan?

Het Gerechtshof in Den Haag heeft op 22/9/2014 in 3 strafzaken waarin het ging over over rijden onder invloed het OM niet ontvankelijk verklaard. De reden daartoe was dat het Centraal Bureau voor de Rijvaardigheid (=CBR) al een alcoholslot had opgelegd. Dit werd in strijd geacht met het ne bis in idem beginsel wat voorschrijft dat er niet tweemaal voor hetzelfde feit mag worden gestraft. Het CBR ziet het opleggen van een alcoholslotprogramma als een bestuursrechtelijke maatregel.

Alcoholslotprogramma toch een straf en geen bestuursrechtelijke maatregel?

Het Gerechtshof te Den Haag heeft bepaald dat het alcoholslotprogramma een zo ingrijpende maatregel is dat die toch moet worden gezien als het opleggen van een straf. En tweemaal straffen voor hetzelfde feit is niet toegestaan. U kunt op deze wijze dus eenvoudig uw ingevorderde rijbewijs terugvorderen. Het CBR heeft tegen deze uitspraken wel cassatie ingesteld. In afwachting van deze beslissing wordt er door het CBR nu tijdelijk geen alchoholslotprogramma’s meer opgelegd. Het CBR zal hoogstwaarschijnlijk afwachten wat de Hoge Raad in haar arresten bepaalt. Het is nog onduidelijk wat er dient te geschieden met de personen die een alcoholslotprogramma opgelegd hebben gekregen en hierdoor zijn gedupeerd. Wij wachten dit met grote nieuwsgierigheid af en brengen u hiervan zo spoedig mogelijk op de hoogte door middel van een update.

Nadeelcompensatie als gevolg van het alcoholslotprogramma

Indien de Hoge Raad het arrest van het Gerechtshof in Den Haag bekrachtigd, kan er naar mijn mening worden gedacht aan nadeelcompensatie. Het CBR zal dan in dienen te staan voor de door haar veroorzaakte schade. Zo bedragen de kosten/schade voor het volgen van een alcoholslotprogramma alleen al 4 à 5 duizend euro. Eigenlijk alle beroepschauffeurs zijn daarnaast door deze maatregel hun baan kwijtgeraakt en in sommige gevallen hebben zij zelfs noodgedwongen hun huis moeten verkopen.

Alcoholslot definitief van de baan!

Minister Ard van de Steur heeft op 18/2/2016 een brief geschreven aan de Tweede Kamer dat het alcoholslotprogramma niet meer zal worden opgelegd. De rechter zal naar verwachting nu eerder én langer een ontzegging van de rijbevoegdheid opleggen.

Vrijblijvend contact over het alcoholslotprogramma?

U kunt vrijblijvend bellen met vragen op nummer 073 615 43 11 of uw vraag mailen naar info@rechtnet.nl.

Tegen reeds opgelegde alcoholslotprogramma’s valt nu nog niets te doen totdat de Hoge Raad duidelijkheid verschaft!

mr. C.A.M.H. Vink.

Om niet ontvankelijk door alcoholslot

OM niet ontvankelijk door alcoholslot

OM niet ontvankelijk door alcoholslot

Het Gerechtshof in Den Haag heeft op 22/9/2014 in 3 strafzaken waarin het ging over over rijden onder invloed het OM niet ontvankelijk verklaard.De reden daartoe was dat het Centraal Bureau voor de Rijvaardigheid (=CBR) al een alcoholslot had opgelegd.

Straf of maatregel?

Het opleggen van een alchoholslot en het hieraan verbonden programma wordt volgens de wet gezien als een bestuurlijke maatregel en niet als een straf. Het OM mag om deze reden dus ook separaat tot strafvervolging overgaan als het alcoholslotprogramma wordt opgelegd.

Alcoholslotprogramma toch een straf?

Het Gerechtshof te Den Haag heeft bepaald dat het alcoholslotprogramma een zo ingrijpende maatregel is dat die moet worden gezien als het opleggen van een straf. Dit botst met het Ne Bis In Idem-beginsel wat voorschrijft dat iemand niet tweemaal mag worden vervolgd voor hetzelfde feit, hetgeen in feite is gebeurd! Dit kan niet volgens het gerechtshof. U kunt op deze wijze dus eenvoudig uw ingevorderde rijbewijs terugvorderen.

Alcoholslot definitief van de baan!

Minister Ard van de Steur heeft op 18/2/2016 een brief geschreven aan de Tweede Kamer dat het alcoholslotprogramma niet meer zal worden opgelegd. De rechter zal naar verwachting nu eerder én langer een ontzegging van de rijbevoegdheid opleggen.

Vrijblijvend contact over het alcoholslot?

Wordt u strafrechtelijk vervolgd en is er tevens een alcoholslotprogramma opgelegd, neem dan vrijblijvend contact op met één van de ervaren strafrecht advocaten van RechtNet Advocaten. U kunt bellen op nummer 073 615 43 11 of uw vraag mailen naar info@rechtnet.nl.

mr. C.A.M.H. Vink.

MEER INFORMATIE ONTVANGEN?

Vul het formulier in voor meer informatie



Sluiten