Concurrentiebeding

Concurrentiebeding

Het concurrentiebeding, ook wel non-concurrentiebeding genoemd, is een bepaling in de arbeidsovereenkomst waarin wordt geregeld dat de werknemer ten opzichte van de werkgever verplicht is om niet tot concurrerende activiteiten te zullen overgaan. Een concurrentiebeding komt echter niet alleen voor in arbeidsovereenkomsten, maar ook in koopovereenkomsten bij overnames van bedrijven. RechtNet Advocaten is gespecialiseerd in arbeidsrecht en adviseert u graag over het concurrentiebeding. 

De regels van een concurrentiebeding

Een concurrentiebeding wordt vaak opgesteld ter bescherming van de werkgever. Deze wil natuurlijk voorkomen dat u na beëindiging van het dienstverband zijn kennis beschikbaar kan stellen bij de concurrent. In de praktijk komt dit erop neer dat u na het beëindigen van het dienstverband niet aan de slag mag gaan bij een directe concurrente. Vereisten voor een concurrentiebeding zijn: 

  • Dat het beding schriftelijk is overeengekomen
  • Dat het beding is aangegaan met een meerderjarige
  • Dat het beding betrekking heeft op gelijksoortige activiteiten
  • Dat het beding qua duur, tijd en straal beperkt is

Normaal gesproken wordt er een boete gekoppeld aan het concurrentiebeding. Wanneer het concurrentiebeding niet wordt nageleefd, mag deze boete dan worden ingevorderd. Om de boete te kunnen innen hoeft er alleen te kunnen worden aangetoond het concurrentiebeding is geschonden. De rechter heeft de bevoegdheid om de contractuele boete op verzoek van één van de partijen te matigen, indien de billijkheid dit klaarblijkelijk eist.

Concurrentiebeding bij ontslag door werkgever of met wederzijds goedvinden

Er wordt vaak gedacht dat wanneer een werknemer wordt ontslagen, het concurrentiebeding niet meer geldig is. Dat is niet het geval. Zowel wanneer u ontslagen wordt als wanneer u ontslag krijgt met wederzijds goedvinden, geldt het concurrentiebeding. Meestal geldt een concurrentiebeding voor de duur van een jaar na beëindiging van de arbeidsovereenkomst, waarbij het dus niet van belang is op welke manier deze is beëindigd. 

Concurrentiebeding bij faillissement van de werkgever

Hoe zit het dan met de geldigheid van het concurrentiebeding wanneer het bedrijf waar u werkt of gewerkt heeft failliet gaat? Vaak wordt, ten onrechte, gedacht dat het concurrentiebeding vervalt wanneer het bedrijf failliet gaat. Zeker wanneer het failliete bedrijf een doorstart maakt. De curator van het failliete bedrijf kan een beroep doen op het concurrentiebeding. Dat kan niet altijd – de curator moet daar een redelijk belang bij hebben. Omdat werknemers door een faillissement al erg benadeeld worden, mogen zij namelijk ook niet zonder gegronde reden aan het concurrentiebeding gehouden worden. Per geval zal dit belang moeten worden afgewogen; een advocaat van RechtNet kan u daarbij helpen. 

Interesse in één van onze gespecialiseerde advocaten?

Neem contact met ons op

Wanneer is een concurrentiebeding ongeldig? 

Een concurrentiebeding is in beginsel pas geldig wanneer voldaan is aan bovenstaande punten. Daarnaast is het belangrijk dat alles duidelijk en concreet wordt omschreven; onduidelijkheid in de formulering is ten nadele van de werkgever. Daarnaast is het concurrentiebeding in de volgende gevallen niet (meer) rechtsgeldig: 

  • Wanneer u al enige tijd uit dienst bent
  • Wanneer de werkgever geen belang (meer) heeft bij het nakomen van het concurrentiebeding
  • Wanneer het concurrentiebeding een te zware beperking voor u vormt
  • Wanneer er geen of een te grote geografische beperking is
  • Wanneer de duur van het concurrentiebeding te lang is. 

Concurrentiebeding aanvechten

Wanneer u in gesprek bent met een ander bedrijf, en u kunt worden aangezien als concurrent, doet u er verstandig aan het concurrentiebeding aanvechten. Wanneer u zich nog in de oriëntatiefase bevindt, kunt u een bodemprocedure beginnen bij de kantonrechter. De arbeidsrecht advocaten van RechtNet Advocaten helpen u hier graag bij. U moet dan een verzoek doen tot verklaring voor recht dat het concurrentiebeding ongeldig is. 

Echter wordt vaak pas een procedure begonnen wanneer duidelijk wordt dat de ex-werkgever u aan het concurrentiebeding wil houden. Een bodemprocedure is dan niet geschikt, omdat dit te veel tijd in beslag neemt. Er kan dan wel een kort geding aangespannen worden. Het voordeel hiervan is dat er snel een uitspraak is, het nadeel is dat er alleen gevraagd kan worden om schorsing van het concurrentiebeding. Wanneer er schorsing is, moet later in een bodemprocedure nog uitgewezen worden of het concurrentiebeding buiten werking wordt gesteld. Een van de meest voorkomende argumenten voor schorsing of buiten werking stellen van een concurrentiebeding is dat het nieuwe bedrijf geen directe concurrent is. 

Wordt u aan het concurrentiebeding gehouden of houdt u iemand aan het concurrentiebeding?

Wanneer u zelf aan het concurrentiebeding wordt gehouden of wanneer u zelf een werknemer aan het concurrentiebeding wilt houden, kunt u daar wel wat juridische hulp bij gebruiken. De arbeidsrecht advocaten van RechtNet Advocaten staan voor u klaar. Neem voor vrijblijvend advies contact met ons op via telefoonnummer 073 – 615 43 11 of door te mailen naar info@rechtnet.nl.