Beoordeling door klanten: 8,6/10 - 164 beoordelingen

Conservatoir beslag: is er sprake van nieuw beleid?

conservatoir beslag

De voorzieningenrechter in Alkmaar heeft in haar uitspraak van 7 februari 2018 een verzoek om conservatoir beslag te mogen leggen, afgewezen. [1] Hierbij is als uitgangspunt genomen dat bij het toewijzen van dit verzoek meer dan voorheen terughoudendheid dient te worden toegepast. Wordt hiermee een inleiding gegeven naar een nieuw beleid?

 

De situatie

De discussie in deze zaak ziet toe op de verkoop van een woning. De koper van de woning kon de koopovereenkomst ontbinden, indien zij niet tijdig de financiering rond kreeg. Zij moest dan minimaal twee afwijzingen van financieringsaanvragen overleggen. Uiteindelijk heeft de koper de overeenkomst ook ontbonden en hierbij de afwijzingen overlegd.

De verkoper is echter van mening dat deze afwijzingen niet aan de eisen voldoen. De verkoper vordert daarom betaling van de contractuele boete van € 44.000,00 (10% van de koopsom). Dit bedrag wordt niet betaald, omdat de koper zich op het standpunt stelt dat er wel is voldaan aan de contractuele eisen met betrekking tot de financieringsaanvragen.

Op 5 februari 2018 heeft de Voorzieningenrechter een verzoek ontvangen van de verkoper om conservatoir beslag te mogen leggen op de woning van de koper.

 

Beoordeling van de voorzieningenrechter

De voorzieningenrechter neemt bij de beoordeling als uitgangspunt dat er meer dan voorheen terughoudendheid moet worden toegepast. Dit wordt hem ingegeven door de toenemende kritiek in de media op de manier waarop in Nederland conservatoir beslag gelegd mag worden. In omringende landen is deze toets namelijk een stuk strenger (zie rechtsoverweging 3.1).

Ten eerste komt de Voorzieningenrechter tot het oordeel dat er discussie mogelijk is over de grondslag van de vordering. Er kan getwist worden over de afwijzingen van de financiering. De vordering is daarom niet ‘keihard’.

Ten tweede heeft de verkoper niet duidelijk kunnen maken dat het noodzakelijk is om conservatoire maatregelen te nemen. De koper heeft de vordering van de verkoper namelijk gemotiveerd betwist. Verdere argumenten worden niet naar voren gebracht door de verkoper.

Ten derde heeft de verkoper aangevoerd dat er vrees voor verduistering van de woning bestaat. Ook dit volgt de Voorzieningenrechter niet. De koper had de woning namelijk al te koop staan op het moment dat verkoper zijn woning ook te koop aanbood. Van het verduisteren van verhaalsmogelijkheden door de vordering van de verkoper kan daarom geen sprake zijn.

Ten vierde stelt de Voorzieningenrechter voorop dat het beslag op een woning vaak het minst belastend zal zijn. In dit geval heeft de koper haar woning te koop staan. Dit zal door het beslag niet meer op de gebruikelijke wijze mogelijk zijn. De koper zal daarom ernstig in haar belangen geschaad worden door het beslag.

Gelet op het voorgaande heeft de Voorzieningenrechter vier grondslagen om tot het oordeel te komen dat het verzoek om conservatoir beslag te mogen leggen, moet worden afgewezen. Samen zorgt dit in ieder geval voor afwijzing van het verzoek.

 

Beleid

RechtNet Advocaten heeft veel ervaring met het aanvragen van toestemming tot het leggen van conservatoir beslag. Tot op heden is hierbij nog niet de ontdekking gedaan dat de toetsing zwaarder aan het worden is. Wel worden de laatste jaren de formele eisen van het verzoekschrift en de inhoudelijke kenmerken van het verzoekschrift strenger gecontroleerd.

Dit staat los van de besproken zaak. In deze zaak is te veel juridische discussie mogelijk, waardoor het verzoek is afgewezen. Dit beleid is altijd al hetzelfde geweest. RechtNet Advocaten denkt daarom niet dat er sprake is van een verandering van het algemene beleid. De verkoper heeft gewoon te weinig argumenten naar voren gebracht. Ook de rechtbank zelf kan niet bevestigen dat er sprake is van een nieuw beleid.

 

Wilt u zelf conservatoir beslag leggen?

RechtNet Advocaten adviseert haar cliënten met een vordering van € 8.000,00 in de meeste gevallen om conservatoir beslag te leggen. Hiermee voorkom je namelijk dat verhaalsmogelijkheden in de loop van de procedure verdwijnen. Daarnaast kan aan de hand van de resultaten van het conservatoir beslag vaak ook geoordeeld worden of de procedure rendabel is. Ten slotte gaat een schuldenaar onder druk van het conservatoir beslag ook regelmatig over tot het treffen van een oplossing.

Voor vorderingen onder de € 8.000,00 kan het in sommige gevallen ook essentieel zijn om conservatoir beslag te leggen. Dit speelt met name een rol in situaties, waarin de schuldenaar al druk doende is met het verduisteren van verhaalsmogelijkheden of met het betalen van andere schuldeisers. In overleg is ook in deze gevallen conservatoir beslag mogelijk.

Indien u graag advies wil over het leggen van conservatoir beslag, neemt u dan geheel vrijblijvend contact op met RechtNet Advocaten. In een eerste gratis advies van een half uur kunnen de meeste aspecten van het conservatoir beslag al besproken worden. U bent dan op de hoogte van de mogelijkheden en van uw kosten. Contact kunt u opnemen via telefoonnummer 073 – 615 43 11 of via de e-mail: info@rechtnet.nl

 

mr. M.L.A. (Martijn) van Hurne

 

[1] – Vzr. Alkmaar 07 februari 2018, ECLI:NL:RBNHO:2018:910.

Verzet instellen of hoger beroep?

verzet instellen

Als verstek geen verstek blijkt te zijn

Het kiezen van het juiste rechtsmiddel is een van de belangrijkste taken van een advocaat. De verkeerde keus heeft namelijk desastreuze gevolgen. Doorgaans is de keus eenvoudig. Is er sprake van een verstekvonnis, dan ga je verzet instellen. Is er sprake van een vonnis op tegenspraak? Dan ga je in hoger beroep. Maar wat gebeurt er wanneer de rechter een fout maakt en in het vonnis ten onrechte vermeldt dat er sprake is van verstek? Dan dien je als advocaat goed op te letten. In een recente zaak bij het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch blijkt nogmaals hoe belangrijk dit is.

Casus

Wat speelde er in de zaak? Een kredietverstrekker vordert van een man en zijn ex-partner betaling van een geleend bedrag, te vermeerderen met 10% rente en de proceskosten. Alles bij elkaar een vordering van meer dan € 30.000,00. Dit gebeurt per dagvaarding van 26 april 2013.

Anderhalve maand voor de eerste rolzitting stuurt de man een brief aan de rechtbank. Hierin geeft hij aan dat hij de handtekening van zijn (ex-)vrouw vervalst heeft. Zij heeft geen weet van de leningsovereenkomst. Hij verklaart dat hij geen geld meer heeft vanwege gokschulden. Verder verblijft hij in het buitenland, zodoende zal hij niet naar Nederland komen.

De vrouw verschijnt niet in de procedure. In het eindvonnis wijst de rechter de vordering van de kredietverstrekker toe. Het vonnis vermeldt dat de man is verschenen in de procedure, maar dat aan de vrouw verstek is verleend. Dit laatste is zeer belangrijk.

Verzet instellen

De vrouw gaat in verzet tegen het vonnis. De rechter oordeelt dat het rechtsmiddel terecht is ingesteld, zodat de vrouw ontvankelijk is in haar verzet. De vrouw voert verweer en de vordering van de kredietverstrekker wordt alsnog afgewezen. De vrouw hoeft niets te betalen.

Hoger beroep

De kredietverstrekker gaat in hoger beroep tegen dit vonnis. De kredietverstrekker wijst erop dat de vrouw niet-ontvankelijk had moeten worden verklaard. Zij had in hoger beroep en geen verzet moeten instellen en heeft daarmee het verkeerde rechtsmiddel gekozen, aldus de kredietverstrekker.

Het gerechtshof geeft de kredietverstrekker gelijk. De man was door middel van zijn brief verschenen in de procedure. Aangezien er één partij is verschenen, wordt de gehele procedure beschouwd als een procedure op tegenspraak. De vrouw had in hoger beroep moeten gaan en niet in verzet. Dat het vonnis van de eerste procedure vermeldde dat er sprake was van verstek, was onjuist. Dit komt echter voor risico van de vrouw.

Niet ontvankelijk

Het vonnis in de door de vrouw gewonnen procedure wordt vernietigd. Zij is alsnog niet-ontvankelijk. Het eerste vonnis, waarin zij is veroordeeld tot betaling, wordt bekrachtigd en blijft dus in stand. Het gerechtshof verbetert het vonnis wel: nu wordt vermeld dat het een vonnis op tegenspraak betreft.

Conclusie

Wanneer er sprake is van meerdere gedaagden en één gedaagde verschijnt in de procedure, dan bepaalt artikel 140 RV dat de gehele procedure als één op tegenspraak wordt gezien. Dan wordt er geen verstek verleend. In dat geval moet hoger beroep worden ingesteld en heeft verzet instellen geen zin. Ook in het geval de rechter abusievelijk vermeldt dat er sprake is van verstek.

Uit het voorgaande blijkt dat de keuze van het juiste rechtsmiddel zeer belangrijk is en dat advocaten scherp moeten blijven bij het maken van een keuze. Wenst u advies of meer informatie over verstek, verzet of hoger beroep? Neem dan contact op met een van onze procesadvocaten.

Meer weten over dit onderwerp? BEL: 073 – 615 43 11 of stuur een e-mail naar info@rechtnet.nl.

MEER INFORMATIE ONTVANGEN?

Vul het formulier in voor meer informatie



Sluiten