Beoordeling door klanten: 8,6/10 - 164 beoordelingen

Bemiddelingskosten niet altijd terug te vorderen

bemiddelingskosten

Op 25 februari 2016 verscheen mijn bericht over het terug eisen van bemiddelingskosten van de makelaar. De Hoge Raad had immers bepaald dat de makelaar in geen geval deze bemiddelingskosten in rekening mag brengen bij de huurder. De rechtbank Amsterdam heeft recent een lichte beperking aan de uitleg van dit arrest verbonden.[1]

Uitspraak van de Hoge Raad

De Hoge Raad bepaalde dat een makelaar geen kosten in rekening mocht brengen bij de huurder op het moment dat een verhuurder via de website van de makelaar (om niet) woonruimtes mag aanbieden. Doet de makelaar dat toch, of heeft de makelaar dit gedaan, dan kan de huurder tot vijf jaar terug deze kosten terug eisen.

Rechtbank Amsterdam

De rechtbank Amsterdam heeft een lichte nuance verbonden aan het arrest van de Hoge Raad. Op het moment dat een huurder zich op een website van een makelaar inschrijft en de makelaar een woonruimte aan de huurder aan biedt, die niet op de website zichtbaar was, dan heeft de makelaar toch recht op een vergoeding van de bemiddelingskosten. Het maakt in dat geval niet uit dat de huurder in contact is gekomen met de makelaar via woonruimtes, die wel op de website zichtbaar waren.

Terug eisen van de kosten

Als u wél te maken heeft gehad met ten onrechte betaalde bemiddelingskosten in de afgelopen vijf jaar, dan kan RechtNet Advocaten u helpen bij het terug eisen van deze kosten. Het betreft hier een geldvordering, die niet betwist is. Hierop is onze standaard werkwijze voor incasso van toepassing. Uw geld wordt terug geëist op basis van ons ‘No Win, No Fee’-principe.

Heeft u vragen naar aanleiding van dit bericht? Of heeft u vragen over het incasseren van ten onrechte betaalde bemiddelingskosten aan uw makelaar? Neem dan vrijblijvend contact op met één van de ervaren huurrecht advocaten van RechtNet Advocaten! U kunt ons bereiken op telefoonnummer 073 – 615 43 11 of via de e-mail: info@rechtnet.nl

mr. M.L.A. (Martijn) van Hurne

[1] Rechtbank Amsterdam 23-08-2016, NJF 2016, 440 (ECLI:NL:RBAMS:2016:5652).

MEER INFORMATIE ONTVANGEN?

Vul het formulier in voor meer informatie



Sluiten