Beoordeling door klanten: 8,6/10 - 164 beoordelingen Turboliquidatie (TIP: Gratis Advies!!)

De turboliquidatie

turboliquidatie

De turboliquidatie

Als een ontbinding van een vennootschap bij de Kamer van Koophandel wordt ingeschreven spreekt men ook wel van een turboliquidatie. De turboliquidatie is het gevolg van een ontbindingsbesluit door de aandeelhouders. Veelal wordt dit besluit genomen indien er vrijwel geen of zeer weinig baten in de vennootschap zitten en er een uitzichtloze situatie is ontstaan waarbij verder ondernemen niet zinvol wordt geacht. Voor zover er nog baten aanwezig zijn in de vennootschap en daar schulden tegenover staan, dienen deze vereffend te worden. Indien een vereffenaar merkt dat er alleen nog maar schulden zijn en hij niet uitkomt op een bedrag van ongeveer € 0,00 dient hij/zij wettelijk gezien het eigen faillissement aan te vragen. Er wordt in strikte zin alleen gesproken over een turboliquidatie indien er geen vereffening van baten behoeft plaats te vinden. De vennootschap houdt dan vanaf het moment van ontbinding op te bestaan.

Heeft u een vraag bel dan geheel vrijblijvend met één van onze ervaren advocaten op nummer 073 615 43 11 of stel uw vraag via ons webformulier op de rechterzijde van deze pagina.

Turboliquidatie en rechtsmiddelen schuldeisers

Indien de vereffening niet naar behoren verloopt kan een schuldeiser aan de rechter verzoeken om de vereffening te heropenen. Tevens is het voor schuldeisers mogelijk om het faillissement van de ontbonden vennootschap aan te vragen in het geval er nog baten in de vennootschap zitten. De schuldeiser dient dan wel te kunnen aantonen dat er nog baten zijn. Het louter noemen van baten zonder dit te bewijzen is onvoldoende. Van baten kan onder andere sprake zijn indien er nog goederen aanwezig zijn of vorderingen op debiteuren op het moment van ontbinding. Ook in het geval er jaarrekeningen niet tijdig zijn gedeponeerd en dat er derhalve een vordering bestaat vanuit van de vennootschap op de bestuurder(s) op de grond van bestuurdersaansprakelijkheid, wordt dit gezien als baten.

Turboliquidatie en bestuurdersaansprakelijkheid

Een niet goed uitgevoerde turboliquidatie kan leiden tot bestuurdersaansprakelijkheid. De bestuurder kan bijvoorbeeld aansprakelijk worden gesteld als er is gehandeld in strijd met een persoonlijke zorgvuldigheidsnorm (Zie Riet/Hoffman-arrest). In dit arrest heeft een makelaar zorg dragen voor de verkoop van een villa in Spanje. Hij was ermee bekend dat er problemen waren met de bouwvergunning en heeft dit nagelaten aan de kopende partij mede te delen. Kort na de koop diende het gebouw te worden afgebroken. Hier valt de makelaar wegens dit nalaten een ernstig persoonlijk verwijt te maken. Indien hier sprake van is, is de bestuurder ook in privé aansprakelijk. Bij deze normschending gelden de gewone regels van onrechtmatige daad.

De beklamelnormen

Daarnaast gelden de beklamelnormen voor het aannemen van bestuurdersaansprakelijkheid. Hierin is bepaald dat indien een bestuurder wist of redelijkerwijze behoorde te weten, dat ten tijde van het sluiten van de overeenkomst, de openstaande vordering niet voldaan zou kunnen worden en de vennootschap geen verhaal biedt, de bestuurder aansprakelijk is als de bestuurder een persoonlijk verwijt kan worden gemaakt.

Hieronder volgen een aantal voorbeelden die leiden tot bestuurdersaansprakelijkheid. Bijvoorbeeld als er in het licht van de ontbinding een aantal selectieve betalingen hebben plaatsgevonden.
Uit het arrest van de Hoge Raad 12 juni 1998,727 blijkt dat een ongelijke behandeling van de crediteuren tot aansprakelijkheid kan leiden van de moedervennootschap. De dochtervennootschap handelde hier onrechtmatig jegens een crediteur (met intensieve bemoeienis met de gang van zaken door de moedervennootschap) door het bewust en op basis van subjectieve factoren achterstellen van de vordering van deze crediteur bij de vorderingen van alle crediteuren en de vordering van haar zustermaatschappij.

Zo is er ook een uitspraak van de rechtbank Midden Nederland van 23 oktober 2013 waarin bestuursaansprakelijkheid wordt aangenomen doordat het bestuur de onderneming heeft beëindigd en daardoor leeg is geraakt en hierbij geen rekening heeft gehouden met de voortlopende huurovereenkomst, zonder de verhuurder in te lichten. Deze verhuurder heet nu niet de kans gehad om zijn schade te beperken.

Bestuurdersaansprakelijkheid en hoogte schade

In het geval er bij een uitgesproken faillissement geen uitkering zou hebben plaatsgevonden en de schuldeiser zou er bij de ontbinding van de vennootschap niet slechter uit zou zijn, valt er niets op de bestuurder te verhalen. Zie de uitspraak gepubliceerd in de JOR 2010, nummer 140. De situatie van ontbinding wordt dan vergeleken met de faillissementssituatie. Als deze niet wezenlijk anders is, komt het niet tot een schade die vergoed dient te worden aan de schuldeiser. De hoogte van de vordering is op deze manier eigenlijk nooit gelijk aan de schade die de schuldeiser heeft geleden.

Vrijblijvend advies over turboliquidatie

Heeft u vragen over een turboliquidatie neem dan geheel vrijblijvend contact op met één van de ervaren advocaten van RechtNet Advocaten. Zij staan u gratis te woord. Bel 073-615 43 11 of vul bijgaand webformulier in en wij nemen zo spoedig mogelijk contact met u op!