In een recente uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam stond in eerste instantie de vraag centraal of een werkneemster een vaststellingsovereenkomst had ondertekend. Het hof wilde hiervoor een handschriftdeskundige benoemen. Maar de werkgever van de vrouw betaalde het voorschot voor een handschriftdeskundige niet. Dit had grote juridische gevolgen voor de werkgever, want die slaagde er daardoor niet in om te bewijzen dat de werkneemster de vaststellingsovereenkomst had getekend.
Bekijk hier onze rechtsgebieden
Voor het Gerechtshof was dit aanleiding om er vanuit te gaan dat de arbeidsovereenkomst niet rechtsgeldig was geëindigd. Daaropvolgend paste het hof de Xella-jurisprudentie toe, die stelt dat bij een slapend dienstverband na twee jaar ziekte de werkgever moet meewerken aan beëindiging van de arbeidsovereenkomst met toekenning van de transitievergoeding.
In strijd met goed werkgeverschap
Ook het verweer van de werkgever dat vakantiedagen niet mochten worden uitbetaald, strandde bij het hof. De werkgever beriep zich op artikel 7:640 BW, dat uitbetaling van wettelijke vakantiedagen tijdens het dienstverband verbiedt. Het hof oordeelde dat dit beroep in strijd is met goed werkgeverschap. De werkgever had immers eerder beweerd dat het dienstverband al was geëindigd. Volgens het Hof is het dan consistent van de werkgeverom zich later op het afkoopverbod te beroepen. De openstaande vakantiedagen moeten daarom alsnog worden uitbetaald aan de vrouw. Deze zaak laat zien hoe het procesrecht en arbeidsrecht in sommige gevallen in elkaar kunnen grijpen. Het niet betalen van een voorschot voor een deskundige — mogelijk een relatief klein bedrag — leidde voor de werkgever uiteindelijk tot het mislukken van het bewijs dat het dienstverband was beëindigd. Hierdoor ging het Hof ervan uit dat de arbeidsovereenkomst niet is beëindigd, waardoor de werkneemster recht had op een transitievergoeding en uitbetaling van vakantiegeld en vakantiedagen. Daarnaast moest de werkgever ook de proceskosten betalen.
Bekijk hier onze incasso diensten
Principiële uitspraak
Voor werkgevers en werknemers bevat deze uitspraak ook een aantal leermomenten. Wie zich beroept op een getekende overeenkomst moet dat kunnen aantonen. Verder is consistentie belangrijk voor rechters. Wisselende standpunten kunnen worden gezien als in strijd met goed werkgeverschap. Verder moeten werkgevers bij slapende dienstverbanden na twee jaar ziekte meewerken aan beëindiging van de arbeidsovereenkomst met transitievergoeding. Wat begon als een technisch bewijsprobleem groeide in deze zaak uit tot een principiële uitspraak over goed werkgeverschap en procesrisico. Het arrest onderstreept bovendien dat in het arbeidsrecht niet alleen de inhoud, maar ook de processtrategie doorslaggevend kan zijn.
Meer weten over dit onderwerp? Neem dan contact op met RechtNet Advocaten via info@rechtnet.nl of bel naar 073 – 615 43 11.
Vragen? Neem contact met ons op

